Als dit weekend de Zevenheuvelenloop erop zit, zetten we een punt achter het loopjaar 2018. Tuurlijk, er wordt vast nog ergens een wedstrijdje gelopen, maar voor de meeste lopers geldt dat de medailles binnen zijn en nieuwe doelen heel ver weg. Typisch zo’n periode om weg te zakken in weinig doen en je over te geven aan het bovenmatige consumeren dat gepaard gaat met de laatste maanden van het jaar. Je kunt het ook anders aanpakken.

Foto: Sukru Mese/Instagram: @50mmsport

Nieuwe doelen stellen! Niets maakt het makkelijker om in herfstig en winters weer toch de deur uit te gaan dan een goede reden. Weten dat je in het voorjaar weer iets moois wilt presteren. Kies nu alvast die wedstrijd in maart of april uit en je zult zien dat je de motivatie vindt om te blijven trainen. Dat trainen hoeft trouwens echt niet zo heftig te zijn. November en december lenen zich goed voor onderhoud; geen hele lange duurlopen of beesten van intervaltrainingen, maar wel iedere week een rustige 15 of 16 kilometer en één training met wat snelheid erin. En een hele goede periode om even stevig krachttraining te doen. Is het dan tijd om aan een nieuw trainingsschema te beginnen, dan hoef je jezelf niet uit een moeras te trekken.

Het grootste compliment dat we als trainers kunnen krijgen, is dat lopers kort nadat ze hun race hebben gelopen, de blik willen richten op een volgend evenement. Veel van de lopers die we afgelopen zomer hebben getraind in voorbereiding op een najaarsmarathon, hebben nu een voorjaarsmarathon op het oog. Of komen alweer naar de trainingen bij de Vondelgym, omdat ze lol in hardlopen hebben gekregen. En dat is het hoogst haalbare in het lopen, de beste basis voor goede resultaten.

De dag nadat ik de marathon van Berlijn had gelopen, schreef ik me in voor de legendarische Boston Marathon in april. Waar ik voor Berlijn en Amsterdam trainde volgens het principe van Energy Control (intensief en op hartslag, maar relatief weinig kilometers), ga ik voor Boston weer klassiek trainen. Veel kilometers maken, maar dit keer wel met een hartslagmeter om mijn borst. Lage hartslag als het schema ‘easy’ voorschrijft en ook tijdens tempotrainingen niet koste wat kost een bepaalde tijd per kilometer willen lopen, maar hartslag bepalend laten zijn.

Niet iedereen snapt waarom ik niet ook voor Boston met dat magische hartslagschema ga trainen. Daar liep ik immers twee keer achter elkaar een pr op de marathon mee? Klopt, maar ik ben er ook van overtuigd dat er meer wegen naar Rome leiden en dat je met een ‘klassiek’ schema net zo goed resultaat kan boeken als je je gezond verstand (lees: hartslagmeter) gebruikt. Daarnaast hou ik ook enorm van lange duurlopen en af en toe langzaam lopen en daar kwam ik met Energy Control niet aan toe. Volgend najaar ga ik weer lekker met trainer Martijn Rodijk in zee.

Aan de slag dus! Mijn eigen schema begint een week na oud en nieuw. In de tussentijd is het tijd om aan mijn krachttrainingskills te werken. En is er alle ruimte om lekker te lopen. Hoera!