Lief dagboek

Lang geleden, toen er nog geen apps waren en hardloophorloges niet of nauwelijks bestonden, was het bijhouden van een trainingslogboek een gangbare praktijk voor iedere serieuze hardloper. Afstanden, tijden, waar je had gelopen, eventueel met wie en vooral hoe de training ging. Een mooie manier om je vorderingen bij te houden. En bovenal een schat aan informatie die je later weer kunt gebruiken om te analyseren wat je succes heeft opgeleverd of juist waar het zo mis is gegaan.

Twiskemolenloop, halve marathon. Eindtijd 1:27:44, gemiddelde snelheid 4:10 per kilometer, gemiddelde hartslag 160, gemiddelde pasfrequentie 179. Wat ontbreekt in de gegevens is dat de dame achter mij een pr en een parcoursrecord (1:27:42) liep. Dat het een mooie dag was. Foto  Jan Horstman

Na een training klik ik een keer of twee op mijn horloge en als mijn telefoon in de buurt is, wordt mijn activiteit opgeslagen. Op mijn telefoon of laptop kan ik terugzien wat mijn tempo was, hoe hoog mijn hartslag, hoeveel passen per minuut ik zette, wat de gemiddelde lengte per pas was en tenslotte krijg ik te horen hoe lang ik moet herstellen om tijdens de volgende training te kunnen presteren. Dat is nogal wat. Hoe langer je met een horloge traint, hoe beter dit klokje je leert kennen en hoe preciezer de uitspraken over hersteltijd en hartslagzones worden.

Wat niet tussen al die trainingsdata staat, is hoe ik me voelde tijdens de training. Natuurlijk, uit de hoogte van mijn hartslag bij een bepaald tempo kan ik een beetje afleiden of het makkelijk ging of dat het zwoegen was, maar dat getal komt wat mij betreft niet altijd overeen met de werkelijkheid, mijn werkelijkheid. Soms corresponderen de data niet met het gevoel dat ik zelf tijdens of na het lopen had.

Iets anders wat ontbreekt in die prachtige getallenreeksen en grafieken is informatie over pijntjes. Een opkomend gezeur in je linkerknie. De schoenen die zo lekker liepen, maar nu aanvoelen alsof je op slippers loopt. Maag-darmklachten. Aan de hand van je logboek kun je zo terugvinden waar een blessure begon of dat je steevast de dag nadat je pittig hebt gegeten wordt gedwongen tot een pitstop tijdens je intervaltraining. Dingen die je in de toekomst anders kunt aanpakken.

Subjectieve beleving en het registreren van eventuele lichamelijke ongemakken zijn minstens zo relevant als paslengte, hartslag en tempo. Daarom kan het heel nuttig zijn om een trainingslogboek bij te houden. Ik schrijf dit alsof ik het al jaren doe, maar dat is zeker niet het geval. Met de start van het trainingsschema dat mij in blakende vorm moet afleveren op de startlijn in Hopkington, Massachussetts ben ik gaan ‘loggen’. Vandaag was dag 31, de Boston Marathon is op dag 99.

Zelf vind ik het heel leuk om te doen, dat zal je wellicht niet verbazen. Ook al ben ik nog maar een maand onderweg, nu al is het interessant om mijn gedachten bij de eerste paar trainingen terug te lezen. Ongelooflijk hoe snel je dingen vergeet. Al kan dat ook met mijn leeftijd en geschiedenis van drank- en drugsgebruik te maken hebben. Hoe dan ook; probeer het ook eens! Zelf doe ik het iedere dag, pak ik dus ook de rustdagen mee, maar je kunt het loggen ook beperken tot de dagen dat je hebt hardgelopen. Je kunt er weer mee stoppen als jouw goal race achter de rug is. Wat voor weer was het? Nieuw rondje gelopen? Was dat voor herhaling vatbaar? Waar dacht je aan?

Meten is weten, maar wil je écht inzicht in het functioneren van je lijf? Schrijf.

 

Shopping cart

Subtotal
Shipping and discount codes are added at checkout.
Checkout