Stel: je bent aan het trainen voor de Amsterdam Marathon. Het gaat lekker en je begint steeds meer vertrouwen te krijgen in je vorm en het ongebruikelijke schema waarmee je je voorbereidt. Dan krijg je ineens de vraag of je zin hebt om naar Berlijn te vliegen om daar de marathon te lopen. Reis, verblijf, startnummer, alles geregeld – en gratis.

Nee, zei ik.

Nee, want ik had me voorgenomen om de voorbereiding volgens het principe van Energy Control tot in de puntjes uit te voeren en Berlijn kwam niet slechts een week voor of na Amsterdam, maar vijf (!) weken eerder. Veel te vroeg. En nee, omdat Alexandra – mijn vrouw – de dag na de Berlijn Marathon jarig is. Zij moet al vaak genoeg meebewegen met mijn hardlopen. Dus nee. “Denk er toch nog even over na”, stelde de dame van het organiserende pr-bureau voor.

“Maar je gaat toch wel?” Mijn lieftallige echtgenote hoefde er helemaal niet over na te denken. Ik was nog nooit in Berlijn geweest, het is een supermooie marathon, finishen lukt je sowieso wel. En hoe vaak krijg je zo’n aanbod? Allemaal waar.

Ja, zei ik vervolgens.

Het was verleidelijk om toch nog een paar lange duurlopen in te lassen – voor het vertrouwen. Langer in ieder geval dan de 14 kilometer die ik de afgelopen tijd als maximale trainingsafstand liep. “Als je fit bent, kun je met het met het schema al met zes weken af”, verzekerde coach Martijn Rodijk me. Natuurlijk, die kortere trainingsperiode zal het eindresultaat niet ten goede komen, maar we komen een heel eind.

Dus train ik lekker verder; relatief korte, intensieve trainingen op hartslag. En dat werpt zeker z’n vruchten af. Het tempo dat comfortabel voelt komt steeds hoger te liggen, de hartslag steeds iets lager. Twijfel is er ook af en toe. ‘Leuk die snelheid, maar ik train voor een marathon, niet voor een 10 km’, denk ik dan. Maar goed: trust the process. Dat doe ik dan ook. En daarnaast ben ik aan dit ‘low mileage, high intensity, plenty rest’-project begonnen uit nieuwsgierigheid. Wat gaat deze manier van trainen me opleveren? Dat onbekende, dat avontuur maakt het extra mooi.

Nog even een paar weken hard trainen en bekijken op wat voor snelheid ik in Berlijn over de startlijn zal gaan. One big adventure. Wat een geluk.