Het cliché luidt dat vrouwen groot geluk beleven aan de aanschaf van nieuwe schoenen. Sinds een paar jaar weet ik dat dit genot zeker niet exclusief aan vrouwen is voorbehouden. Als bij mij thuis ‘pakket voor Boomsma!’ door de intercom klinkt, is het pakjesavond, schoolreisje en wakker worden op je 6e verjaardag tegelijk. Nieuwe hardloopschoenen! Oh yeah!

De schoenenindustrie wil dat jij, hardloper, regelmatig nieuwe schoenen koopt. Die mannen in de laboratoria zitten tenslotte niet voor Jan Doedel de hele dag constructies te verzinnen met air, zoom, boost, gel, springblades, seamless uppers of flywire. Maar financiële ondersteuning van schoenenfabrikanten is niet jouw verantwoordelijkheid, lekker en zoveel mogelijk blessurevrij lopen wel. Wat is wijsheid; hoe vaak heb je echt nieuwe schoenen nodig?

Foto: David Stegenga

Zoals met alles in de fitness- en gezondheidsindustrie lopen de meningen nogal uiteen. Behoorlijk uiteen zelfs. Volgens een (oud, 2008) artikel uit de Amerikaanse Runner’s World ben je na 500 tot 800 kilometer aan nieuwe kicks toe. Meer gangbaar is een tellerstand tussen de 1000 en de 1500 kilometer, wat voor veel recreatieve hardlopers betekent dat ze eens per jaar of anderhalf jaar nieuwe schoenen nodig hebben. Als je bedenkt dat een paar hele goede hardloopschoenen zeker niet duurder hoeft te zijn dan 130 euro, is hardlopen echt een belachelijk goedkope sport! En je hoeft je al helemaal niet schuldig te voelen als je net iets vaker nieuwe sloffen aanschaft. Gewoon, omdat je het waard bent.

Wie niet eindeloos tijd en energie heeft geïnvesteerd in blootsvoets hardlopen of rennen op minimalistisch schoeisel, heeft goede demping nodig. Het allerbeste veringssysteem heb je gratis van Moeder Natuur gekregen. Dat bestaat uit een ingenieus netwerk van botjes en een oersterke peesplaat in je voet. Maar jachtgeweren, paard en wagen, stoomtreinen, auto’s, ons veelal zittende bestaan en schoenen met demping hebben ervoor gezorgd dat die natuurlijke vering in onbruik is geraakt. Daar kun je van alles van vinden en willen terugkeren naar de oorsprong of je koopt schoenen die het veerwerk voor je ondersteunen.

Het materiaal dat zorgt voor de schokabsorptie in schoenen slijt en klinkt in na verloop van tijd. Ga maar na, die schoen krijgt met iedere stap een klap van 2 à 3 keer je lichaamsgewicht te verduren. Daar zit ‘m voor een belangrijk deel ook de kneep wat betreft de snelheid waarmee je schoenen slijten. Hoe zwaar ben je en hoe landt je? Je kunt je voorstellen dat als jij met je 100 kilo met iedere pas je Nike ‘heel first’ de grond inbeukt, dat arme schoentje eerder aan vervanging toe is dan wanneer jij 75 kilo weegt en als een antilope landend op de voorvoet over ’s Heeren wegen zweeft.

Zelf loop ik vijf of zes keer in de week hard en geef ik de nodige uren training. Ik heb dan ook een batterij goede excuses om vaak nieuwe schoenen te kopen. Met vier paar rouleer ik continu, een paar draait ongeveer een jaar mee in de carroussel. Na wat proberen ben ik bij één merk en zelfs één type blijven hangen. Dat is ook nog een tip: heb je een lekkere schoen gevonden, ga dan niet de ontdekkingsreiziger uithangen, maar koester dat type.

Hoe vaak je nieuwe schoenen nodig hebt, is nogal persoonlijk. De manier waarop je loopt, hoe veel kilometers je maakt en de ondergrond waarop je loopt bepalen hoe snel je hardloopschoeisel slijt. Beginnen er rimpels in de zijkant van de zool te ontstaan of is de binnenzool door het steviger buitenmateriaal te zien? Nieuwe schoenen. Heb je na een run het gevoel dat je op Havaianas hebt gelopen? Dan is de bounce uit je schoenen: nieuwe. En durf je niet op je eigen gevoel of waarneming te vertrouwen, koop dan gewoon ieder jaar een paar nieuwe schoenen. Het zal je de kop niet kosten en belangrijker nog: je wordt er heel blij van.